Preek over Marcus 7,31-37 door ds. Gert van der Ende op zondag 30 augustus

Gemeente van Christus,

 

Ik wil u vragen met mij mee te kijken naar het aandachtsbeeld. 

Zoekend naar een afbeelding bij het verhaal van de genezing van de slechthorende man, kwam ik deze tegen. Het is denk ik een tekening en geen schilderij, maar daar ben ik niet helemaal zeker van. Wie de tekenaar is, kon ik verder niet achterhalen.

De manier waarop het verhaal wordt afgebeeld vind ik mooi. Voor de luisteraars thuis zal ik zo goed mogelijk proberen te vertellen wat er te zien is. Op de tekening zien we dat Jezus de slechthorende man apart neemt. De schilder/tekenaar plaatst Jezus en de man op een heuveltje op de voorgrond. Het is daarmee gelijk duidelijk dat het om deze twee gaat. Iets lager en wat op afstand van Jezus zitten de mensen die de slechthorende bij Jezus hebben gebracht. Zij kijken gespannen toe naar wat er gebeurt. Meer op de achtergrond staat de schare mensen die Jezus volgen.

Wat ik bijzonder aan de afbeelding vind is dat de slechthorende man terugwijkt van Jezus. Jezus reikt met zijn handen naar de man, maar de man buigt achterover en draait wat weg. Het lijkt wel of hij schrikt. Waarom deinst hij terug? Komt Jezus te dichtbij? Komt Jezus te veel in zijn comfortzone? Is het isolement waarin deze man door zijn slechthorendheid leefde zo groot dat hij schrikt van de handtastelijkheid van Jezus? Of ervaart hij het als bedreigend wat Jezus doet? Het reiken naar zijn oren en mond.

Misschien beseft hij dat als Jezus iets aan hem doet, dat als hij daadwerkelijk door Jezus wordt aangeraakt, zijn leven wel eens zou kunnen veranderen. Dat het niet blijft zoals het is. Zoals een lied uit het liedboek zegt: 'Waarom moest ik uw stem verstaan, waarom bracht gij die onrust mij...' (Lied 941). Een aanraking door Jezus kan levensveranderend zijn!

Het terugwijken van de slechthorende man kan ook te maken hebben met zijn kennis van de joodse reinheidswetten. Hij weet dat iemand die een gebrek heeft niet rein is volgens sommige joodse tradities. En dat als hij wordt aangeraakt de ander ook voor een periode onrein is. 

Misschien ziet u nog iets anders in het terugwijken van deze man als Jezus hem aanraakt. Dat is het mooie van een schilderij, er zit vaak veel meer in dan je op het eerste gezicht denkt. Jezus doet niet wat de mensen van hem vragen. Ze komen tot hem met de vraag of hij zijn handen op de doofstomme wil leggen. Dat doet hij niet. 

Om te beginnen isoleert hij de man van de andere mensen. Hij neemt hem apart. Dat is goed te zien op het aandachtsbeeld. Dit ontlokte een bijbeluitlegger de opmerking: 'Jezus maakt het alleen maar erger.' De man leeft al geïsoleerd door zijn slechthorendheid en nu wordt hij ook nog geïsoleerd van de mensen die hem bij Jezus brengen.

En dan wat Jezus doet.

Hij steekt zijn vingers in zijn oren. Letterlijk staat er 'hij werpt zijn vingers in zijn oren.' Ook daarmee maakt Jezus het erger. Nu hoort hij helemaal niets meer. Zoals ook wij onze vingers in onze oren steken als we niets willen horen. Vervolgens spuugt Jezus.

Spugen is een teken van verachting. Wrijft Jezus het er daarmee nog eens extra in dat deze slechthorende door mensen veracht werd? Dus maakt hij het hiermee ook nog erger? Of doet Jezus wat rondtrekkende genezers ook deden, dat ze spuug gebruikten voor hun genezingspraktijken?

Ook grijpt Jezus zijn tong vast. Hoe lijfelijk, hoe dichtbij, wil je het hebben? Iemand maakte hierbij de opmerking: 'Van God kun je alles verwachten, daar is Hij God voor. Maar dat hij je een soort onhandige natte zoen geeft - daar zou je toch niet gauw opkomen.'

 

De Tsjechische theoloog Tomas Halick heeft een boek geschreven met de titel 'Raak de wonden aan.' Dat is wat hier gebeurt. Jezus raakt de wonden aan van deze mens. 

Hij raakt zijn verstopte oren aan die maken dat hij buitengesloten is van veel sociaal verkeer. Deze mens zal vaak in zichzelf gekeerd zijn, opgesloten in zijn eigen binnenwereld. Doventaal bestaat nog niet zolang.  

Ook spreken gaat moeizaam. En als hij zich verstaanbaar wil maken vraagt dat aandacht en geduld van de ander. Dat zal ook niet altijd het geval zijn. Ook die wond raakt Jezus aan door zijn tong vast te pakken. 

Oren en tong, Jezus raakt ze aan. Genezend, helend.

 

Op het schilderij is niet te zien dat Jezus zucht, zijn ogen naar de hemel opslaat en roept 'Effatha', 'Ga open!' Jezus' zucht is als de adem van God. Het is als in het paradijs toen God zijn adem in de mens inblies en hem tot leven wekte. De oren van de doofstomme gaan open, zijn tong wordt losgemaakt en hij kan spreken.

De opmerking 'Jezus maakt het alleen maar erger' komt van voormalig Trouw columnist dominee Jean Jack Suurmond. Een wat tegendraadse denker. Toen ik zijn opmerking las was mijn eerste reactie, hier kan ik niet zoveel mee. Ik vond het een lastige opmerking. Waarom zou Jezus het erger willen maken? Waartoe dient dat? Toch bleef zijn opmerking mij bezig houden. Suurmond vergelijkt de wijze waarop Jezus deze man geneest met de weg die hij, Jezus, zelf gaat. Daarin wordt het ook alleen maar erger, Jezus' weg wordt een weg door de diepte heen, een weg van lijden en kruis. Maar uiteindelijk leidt zijn vernedering tot zijn verrijzenis. Zo gaat het ook bij deze mens door de diepte heen, het wordt eerst erger. Alsof Jezus wil zeggen, zo is de weg die God gaat. 

Eerlijk gezegd vind ik dit een lastige gedachte, dat het door de diepte moet gaan. Dat zó Gods weg is. Maar misschien gaat het vaak wel zo. Dat we eerst aan het einde van onze mogelijkheden moeten komen voor er ruimte komt voor iets nieuws. Of zoals Jean Jack Suurmond zegt: 'Pas als we niet meer kunnen ontkennen dat onze aardse mogelijkheden zijn uitgeput, wanneer we ons machteloos voelen als een doofstomme, kan de hemel opengaan.' 

Ik wil u vragen nog een keer met mij naar het aandachtsbeeld te kijken en u daarbij af te vragen in wie u zich herkent. Herkent u zich in de doofstomme man? Ervaart u zichzelf als een slechthorende die het nodig heeft dat zijn oren worden geopend? Maar die er eigenlijk ook wat voor terugdeinst? Of herkent u zichzelf meer in de vrienden van de doofstomme die hem bij Jezus hebben gebracht op hoop van genezing? En die nu op enige afstand gespannen toekijken naar wat er plaatsvindt. Het kan ook zijn dat u zichzelf bij de schare terugvindt die op de achtergrond staat en misschien met heel andere zaken bezig zijn. Over de warme zomer of over de Tour de France die is begonnen.

Het schilderij heeft mij geholpen bij het nadenken over dit bijbelgedeelte. Want aanvankelijk dacht ik te kunnen zeggen dat wij ons allemaal wel zullen herkennen in de doofstomme man. Maar dat hoeft natuurlijk niet. Voor mezelf heb ik wel gedacht aan mijn slechthorendheid. Ik dacht hoe moeilijk het soms kan zijn een ander werkelijk te horen. Gevangen als ik kan zijn in mijn eigen denk- en gevoelswereld. Hoe open kan ik zijn voor een ander? Hoe onbevooroordeeld ben ik naar een ander? Hoor en zie ik het appel dat een ander op mij doet?

Om een voorbeeld te geven. 

De Black Lives Matter beweging, zwarte levens doen ertoe, heeft mijn oren geopend. In de krant las ik verschillende verhalen van zwarte mensen. In al die verhalen kwam naar voren dat zij bijna dagelijks worden geconfronteerd met het feit dat ze niet blank zijn. Het wordt mij bijna nooit gevraagd waar ik vandaan kom, aan iemand met een donkere huidskleur met grote regelmaat. Een aantal jonge, gekleurde vrouwen, vertelden dat zij soms spontaan door vreemden worden uitgescholden omdat ze niet blank zijn. Als je achternaam doet vermoeden dat je van Marokkaanse of Turkse afkomst bent maak je gelijk veel minder kans in een sollicitatieproces. Het woord institutioneel racisme viel, waarmee bedoeld wordt dat het racisme diep in de samenleving is verankerd. 

Nu zal ik niet zomaar iemand uitschelden vanwege zijn huidskleur, maar ik durf mijn hand er niet voor in het vuur te steken dat ik niet racistisch ben. Welke bewuste en onbewuste beelden en gedachten heb ik van mijn medemens met een donkere huidskleur? Laat ik voor mijzelf blijven spreken: ik heb het nodig dat mijn oren steeds weer worden geopend om goed te horen. En dan herken ik mij ook wel in de man op het schilderij als hij wat terugdeinst. Want werkelijk horen kan ook onrust brengen, het kan er voor zorgen dat je uit je veilige cocon moet stappen. Het kan je leven veranderen.

Misschien herkent u het ook wel dat sommige woorden van Jezus ons onrustig kunnen maken. Als hij bijvoorbeeld zegt dat we ook goed moeten zijn voor mensen die ons niet netjes behandelen. Dan deinzen we misschien ook wat terug. Want dat is toch wel veel gevraagd.

Maar toch, onze oren laten openen, ons uit onze veilige comfortzone laten halen, kan iets moois openen, een nieuwe weg, nieuwe inzichten. Het wordt weer creatief, open.

We zien het aan de man die Jezus geneest. Hij gaat spreken, en hoe! In de vertaling die we hebben gelezen wordt dat veel te flets weergegeven. Hij kan normaal spreken staat daar. Nou dat staat er niet, er staat letterlijk dat hij orthoos spreekt. Hij spreekt orthodox. Hij spreekt rake, ware woorden. Nadat Jezus zijn oren heeft geopend en met spuug zijn tong heeft aangeraakt spreekt hij woorden die er toe doen. Het is overigens wel deze volgorde, eerst open oren om te horen en dan goede woorden spreken.

Eigenlijk, zo dacht ik, is wat in het bijbelverhaal gebeurt te vergelijken met het gebed om de Heilige Geest in de kerkdienst. In dat gebed vragen we om open oren om te horen wat vanuit de bijbel tot ons komt. We bidden dat onze oren geopend worden zodat we van God horen. En dat we na dit horen ware, wijze, heilzame woorden zullen spreken en goede daden zullen doen.

Waar staat u op het schilderij?

Of waar zou u willen staan op het schilderij?

De mens die door Jezus wordt aangeraakt? 

Een van de vrienden die de slechthorende bij Jezus heeft gebracht?

Of wat meer op afstand?

Er zit trouwens een mooie paradox in het verhaal, een tegenstelling.

De doofstomme man gaat spreken, zijn tong is losgemaakt. 

Maar Jezus vraagt hem zijn mond te houden.

En ook de omstanders beginnen te spreken, vol verbazing over wat er is gebeurd. Jezus wil het niet, maar er is geen houden aan. Alles heeft hij wel gedaan, zeggen ze tegen wie het maar wil horen. En ze citeren daarbij de woorden van de profeet Jesaja: hij doet doven horen en de sprakelozen spreken. 

Wil Jezus dat de mensen zwijgen om het misverstand te voorkomen dat wordt gedacht dat de nieuwe wereld waar Jesaja over spreekt reeds is aangebroken? Want zover is het nog niet. Het gaat nog door de diepte heen. Maar dat hoef ik u niet uit te leggen. We ervaren soms aan den lijve dat het rijk van vrede en heelheid er nog niet is. 

Al hoop ik dat we persoonlijk en als gemeente mogen ervaren dat de hemel ons niet is vergeten als onze oren worden geopend en onze tong wordt losgemaakt. 

 

Amen